“Petites Histoires” over de geschiedenis van Latijns-Amerika 

door Peter Hattink*
peterhattink@yahoo.es

 Deze “Petites Histoires” zijn anecdotische verhalen in hun historische context. Zij geven een inzicht  in het denken  
en het handelen van de volkeren van Amerika, de nieuwkomers en hun nakomelingen op dit continent. 

De officiële geschiedenis is veelal geschreven in het belang van de staat. 
Deze verhalen gaan over de achterkant van historische gebeurtenissen, die door officiële 
geschiedschrijvers  zelden vanuit de mens zelf is verteld.
 
 

1559 Grond, Goud en Geloof  


Reconquista
 Herovering op de Moren


Ma4rc o Polo
 Marco Polo 


 Fernando en isabela
De katholieke koningen


 kruis en zwaard
Verovering van Amerika 


Overgave Granada
Overgave van Granada


Moren
Moriscos


Philip de Tweede
 Philips II


Peter van Gent
 Peter van Gent


 
 Cat van Gent
Fragment catechismus


 Tempels onder kathedraal
Tempels onder de kathedraal van Mexico



Azteekse codex
Azteekse codex









                                   

Na de herovering van Spanje op Moren hadden de Spaanse katholieke vorsten nieuwe gronden nodig om hun officieren te betalen.

De legende van de gouden steden in Cipango, de poëtische naam voor Japan van Marco Polo, droeg bij aan de verwezenlijking van het doel van Columbus om op kosten van de Spaanse staat via een westelijke scheepvaartroute Azië te kolonialiseren en goud naar Spanje te brengen. 

De katholieke koningen Ferdinand van Aragón en Isabella van Castilia gingen graag in op het verzoek van het armlastige Vaticaan om het katholieke geloof in dat gedeelte van de wereld te verspreiden. In rul voor financiering van de verspreiding van het nieuwe geloof kregen de Spaanse vorsten een vinger in de pap bij de benoeming van nieuwe bisschoppen. 

De Spanjaarden zetten bij de verovering van Amerika de toon van het christendom.

Zij probeerden de religieuze begrippen en symboliek op een dusdanige manier aan de man te brengen dat er maar één heldere interpretatie mogelijk was. Waar mogelijk sloten zij zich aan bij de plaatselijke gebruiken: tenminste als daarmee indiaanse zieltjes gewonnen konden worden. Soms drukten zij als “goddelijke gelijkhebbers” hun mening door en veroorzaakten zij een golf van cultuurvernietiging. Andere keren waren zij blind voor de indiaanse zienswijze, die zich toch doorzette.  

 

De regie in Europa

“Beween de stad Granada alsof je een vrouw bent, want je was niet in staat om deze als een man te verdedigen!”, riep de moeder van de Arabische vorst Boabdil woedend uit toen zij met haar zoon op weg was naar de havenstad Motril om zich in te schepen naar Noord-Afrika. Boabdil, verlamd van verliefdheid op een bijvrouw van zijn vader, was een zwakke vorst geweest. Hij had zonder bloedvergieten zijn islamitische koninkrijk Granada op 2 januari 1492 overgegeven aan de Spaanse katholieke koningen. De laatste Arabische vorst uit Spanje heeft nooit geweten dat op een afgesproken zondag ochtend in de lente van 1492 alle klokken in de grote west-Europese steden werden geluid omdat zijn Moorse rijk gevallen was.

Het oude islamitische koninkrijk, waarvan de elite de Spaanse wijn niet liet staan, werd een “laboratorium van godsdienstverandering” dat voor een gedeelte naar Amerika werd geëxporteerd.

De eerste stap was dat de Spanjaarden Arabisch leerden om de Moren in hun eigen taal te overtuigen dat er een andere ware godsdienst was. De tweede stap was dat vanaf 1501 in de provincie Granada alle moskeen werden vernietigd en op deze plaatsen veelal met gebruik van hetzelfde bouwmateriaal katholieke kerken verrezen. Het effect van deze slopende constructie was tweeledig: aan de ene kant liet men zien welke godsdienst het zwaarste woog en aan de andere kant speelden de nieuwe machthebbers met het onderbewustzijn van hun bekeerde onderdanen: de ex-islamieten, die nu Moriscos werden genoemd, konden weer terug naar dezelfde plek om te bidden. De derde stap was de verbranding van alle Arabische geschriften waar de Spanjaarden een vermoeden hadden dat deze antichristelijk zouden zijn. Tenslotte was de vierde stap het verbieden van de moorse taal: De reden van het taalverbod was een smoes: het schijnargument was dat men uitsluitend met kennis van de Spaanse taal de mysteries van nieuwe godsdienst kon doorgronden. In werkelijkheid ging het hier om de politieke controle in een middeleeuws geregeerd land waar godsdienst en politiek niet gescheiden waren.  

Deze strategie, die onder Philips II alle niet christelijke tradities wurgde, had geen succes: in 1568 leidde deze in Alpujarras tot de tweede opstand van de Moriscos, de islamieten, die zich op het eerste gezicht tot het christendom hadden bekeerd maar in het verborgene toch de islam bleven aanhangen. Net als de joden werden de Moriscos uit Spanje verbannen.          

 

Het draaiboek in Amerika

Dezelfde simpele bekeringstactiek pasten de Spanjaarden en hun Europese onderdanen toe in Amerika. In sommige gevallen sloot deze lineaire dynamiek aan op  de indiaanse gebruiken in Amerika. De eerste missionarissen in Mexico spanden zich in om het christendom in de inheemse talen te verspreiden. De Vlaamse priester Peter van Gent ontwierp in Mexico met succes een catechismus in de vorm van een Azteeks stripverhaal. Voorts speelden de Spanjaarden in op het feit dat elke indiaanse heerser de intentie had om te laten zien dat hij het beter zou doen dan zijn voorganger. Daarom moest hij als opvolger de tempels van zijn voorvaderen overtreffen. De indiaanse vorst liet  een extra kap over de oude tempel bouwen zodat hij zijn volk kon laten zien dat hij machtiger was dan zijn voorganger. Ook gaf hij een ander accent dan zijn voorganger aan rituelen binnen het kader van dezelfde godsdienst.

De Spanjaarden met hun gevoel voor architectuur begrepen deze manier om een eigen stempel op de geschiedenis te drukken en pasten dit onmiddellijk in hun voordeel toe. Zij vernietigden de indiaanse tempels, die zij in het begin “mezquitas*” noemden, en zij bouwden op de fundamenten een kerk om te laten zien dat hun godsdienst machtiger was dan de vorige. Net zoals in het Spaanse Granada konden de Amerikaanse bekeerlingen weer terug naar de oude plek waar hun voorvaderen ook hadden gebeden, zij het nu in een gerenoveerde omgeving. Ook de derde stap werd uitgevoerd: in de regio’s waar de indianen het schrift gebruikten werden de codexen van de Azteken en de Maya's vernietigd. Tenslotte verbood de kerk –met uitzondering van Paraguay- de inheemse talen onder het voorwendsel dat de christelijke mysteries, zoals de maagdelijkheid van de moeder Gods en de Heilige Drie Eenheid, alleen maar met behulp van de Spaanse taal begrijpelijk gemaakt konden worden.

Deze harde aanpak had in Amerika in de zestiende en zeventiende eeuw weinig succes: het opgedrongen geloof werd naar buiten toe niet meer dan de opgelegde katholieke schittering van het indiaanse collectieve gedachtegoed. Net zoals de praktiserende joden en Moriscos in Spanje werden de indiaanse en joodse religieuze dissidenten in Amerika voorgeleid aan de Inquisitie.

De Spaanse veroveraars kregen in Amerika hun grond.
Het Amerikaanse goud stroomde Spanje binnen.
De indianen bekeerden zich officieel tot het katholieke geloof.

Desmond Tutu, de Zuid-Afrikaanse oud-aartsbisschop en Nobelprijswinnaar voor de Vrede, kijkt met zijn achtergrond naar de Europese veroveraars van Amerika en brengt ons in herinnering:

“Zij kwamen: zij hadden de bijbel en wij hadden de grond.
En zij zeiden tegen ons: ‘Doe jullie ogen dicht en ga bidden!’.
En toen wij onze ogen openden hadden zij de grond en wij hadden de bijbel.”

 

* Mezquita: Spaans woord voor moskee. De Spanjaarden gingen met het referentiekader van de gewonnen strijd op  de  islam in hun land naar Amerika. Alle indiaanse tempels werden tijdens de verovering van dit nieuwe werelddeel
 “mezquitas” genoemd omdat zij in Spaanse ogen een godshuis vertegenwoordigden dat niet katholiek was.

                         marteling inquisitie                          Desmond Tutu

                         Narteling door Inquisitie                      Desmond  Tuto

 

 

 


 copyright Peter Hattink De verhalen of gedeelten daarvan mogen alleen maar overgenomen worden na schriftelijke toestemming van de auteur.

terug naar Petites Histoires

Terug naar de voorpagina