“Petites Histoires” over de geschiedenis van Latijns-Amerika 

door Peter Hattink*
peterhattink@yahoo.es

 Deze “Petites Histoires” zijn anecdotische verhalen in hun historische context. Zij geven een inzicht  in het denken  
en het handelen van de volkeren van Amerika, de nieuwkomers en hun nakomelingen op dit continent. 

De officiële geschiedenis is veelal geschreven in het belang van de staat. 
Deze verhalen gaan over de achterkant van historische gebeurtenissen, die door officiële 
geschiedschrijvers  zelden vanuit de mens zelf is verteld.
 
 

1585 Indiaanse Trots
                                            

 Atiquipa old map
Atiquipa, William Hack (Repro ID: F1904 ©
 National Maritime
    Museum, London)



acaríatiquipaprovcaraveli
Acarí en Atiquipa in de provincie Caraveli





Kero
 










Keronasca


 
De stamhoofden van Acarí en van Atiquipa bij de stad Nazca stonden elkaar naar het leven. Ondanks dat de Spanjaarden sinds 1574 heer en meester waren in Peru sloegen de onderdanen, opgestookt door hun bazen, zodra het maar even kon er op los. De cacique* van Atiquipa kon niet uitstaan hij alleen maar de prachtige en vruchtbare hellingen beheerste en dat de laagvlakte in zijn geheel werd beheerd door de Acarístam. Hij meende recht te hebben op bepaalde akkers in het vlakke gebied. Het stamhoofd van Acarí stond op het standpunt dat zijn stam al sinds mensenheugenis de grond in de vlakte beheerste. Elke poging van Atiquipa veroordeelde hijin het openbaar als het imperialistisch opslokken van zijn gebied.
 
De Spaanse autoriteiten, die onmogelijk konden toestaan dat de wanorde door de strijdende partijen zou toenemen, hadden besloten de ruzie volgens het Spaanse recht op te lossen. Natuurlijk zorgden de autoriteiten ervoor dat de stamhoofden -ongeacht het vonnis- alle titels en andere eerbewijzen uit de Incaperiode zouden behouden. De Spanjaarden hadden er belang bij deze Incatraditie in stand te houden omdat de werkelijke macht van deze caciques  eigenlijk niets meer voorstelde.

De rechter van Nazca riep beide stamhoofden op om voor hem te verschijnen. Hij luisterde geduldig naar de beschuldigingen van beiden en verplichtte ze onder ede het vonnis op te volgen. Ook gelastte de rechter dat de winnaar van het geschil als teken van verzoening in zijn dorp een groot banket zou geven, waaraan beide stamhoofden en hun staf zouden aanzitten. Om de verliezer de kans te geven zijn emoties te verwerken zou dit festijn pas drie dagen na uitspraak van de rechter plaatsvinden.

 Na lang wikken en wegen oordeelde de rechter dat de vlakte rechtmatig viel onder het stamhoofd van Acarí. De cacique van Atiquipa toonde zijn woede over het vonnis en beklaagde zich in het openbaar over zijn verlies

 
Het stamhoofd van Atiquipa en zijn gevolg verschenen drie dagen later stipt op tijd voor het banket op het dorpsplein van Acarí. Er stonden twee grote tafels opgesteld waarop reusachtige schalen met geroosterd vlees stonden en een groot aantal karaffen met chicha, de lokale alcoholische drank. De oude rivalen namen plaats: aan de ene tafel zat de winnaar van Acarí en zijn manschappen; aan de andere tafel zat de verliezer van Atiquipa en de zijnen.

Na de braspartij en het daarbij behorende drinkgelag naderde het plechtige moment van de toast. Alle notabelen waren benieuwd naar het woord en wederwoord van beide caciques.          

Volgens de heersende etiquette hadden beide stamhoofden ieder twee identieke drinkbekers bij zich. Hij die uitnodigde moest in elke hand een beker met chicha houden. Was de ander een mindere dan gaf hij deze de beker met zijn linkerhand; was de andere zijn gelijke of hoger dan ontving hij de beker uit zijn rechterhand. De eerste uitnodiging ging altijd van een meerdere uit als teken van gunst. De mindere beantwoordde dan de verleende gunst van zijn superieur met een uitnodiging als teken van onderdanigheid.

De cacique van Atiquipa stond op, vulde zijn twee bekers, ging voor het stamhoofd van Acarí staan en zei op luide toon:

 “Broeder, laten wij dit verbond bezegelen door de wens uit te spreken dat alleen de dood bij machte is om onze alliantie te verbreken!”

Hij gaf zijn oude rivaal de beker met chicha uit zijn rechterhand.

Het stamhoofd van Acarí keek zijn oude vijand diep in de ogen en antwoordde:

“Broeder, als jij jouw hart laat spreken geef mij dan de linkerbeker want die komt uit de hand die het dichtst bij jouw hart is.” 

De cacique van Atiquipa werd bleek en zijn gezicht vertrok een beetje. Hoewel hij heen en weer werd geslingerd tussen zijn trots en zijn woede, omdat hij zag dat zijn poging tot wraak op niets was uitgelopen, herstelde hij zich. Met vaste hand overhandigde hij de linkerbeker.

Beide stamhoofden dronken de bekers “ad fundum”. Nauwelijks had de leider uit Atiquipa zijn beker op tafel gezet of hij viel als getroffen door de bliksem neer.
 
Zonder aarzelen had de man uit Atiquipa bij de keuze óf zelfmoord óf zich opnieuw laten vernederen door zijn tegenstander de voorkeur gegeven aan de dood. Daarom dronk hij de beker met gif, die bestemd was voor het stamhoofd van Acarí.

* Cacique: stamhoofd; een verspaanst woord uit de Tainotaal.

   

      

Caraveli Peru
        Provincie Caraveli















Kero
 










Keronasca


         

 copyright Peter Hattink De verhalen of gedeelten daarvan mogen alleen maar overgenomen worden na schriftelijke toestemming van de auteur.

terug naar Petites Histoires

Terug naar de voorpagina