Boekbespreking door Trees van Herpen

Komt een vrouw bij de dokter

Auteur: Kluun (pseudoniem voor Raymond van Klundert)

Uitgeverij: Podium ISBN 90-5759-166-9 (316 blz.)

 

Bovenaan de lijst van meest verkochte boeken in Nederland staat Sonja Bakker met haar (“succes verzekerd !”) diëetadviezen, op de tweede plaats komt Kluun. De titel klinkt als het begin van een grap, desondanks wilde ik lezen wat half Nederland kennelijk verslindt: Komt een vrouw bij de dokter.

Een grap is dit boek allerminst. Het autobiografische verhaal wordt verteld door Stijn, dertiger, getrouwd met Carmen. Dochter Luna is amper een jaar oud wanneer het relaas begint. Carmen heeft een agressieve vorm van borstkanker krijgen we op de eerste pagina te horen. Maar het Amsterdamse stel laat zich door deze ‘kankerzooi’ niet op de kop zitten, deelt Stijn mee. De toon is gezet. Bestraling, operatie, chemo-therapie, haaruitval, gewichtsverlies, kotsen, in zeer beeldende taal wordt het vreselijke ziekteverloop uiteengezet, zonder overigens pathetisch te worden.

In hoofdstuk twee, op pagina drie van het boek, zegt Stijn: “Ik ben een hedonist met zware monofobie.” Kortweg vertaald komt het erop neer dat hij zichzelf op en top een levensgenieter vindt met panische angst voor monogamie. En dat zal Carmen weten ook. Ziek of niet, Stijn móet zijn pleziertjes hebben, vreemdgaan hoort daar bij. In de loop van de twee jaar die Carmen nog te leven heeft blijft het niet bij drankgelagen, reisjes, dope en vreemdgaan, hij krijgt een serieuze verhouding met Roos.

De slopende, terminale ziekte is al drama genoeg. De onmogelijke spagaat waarin Stijn zich manoeuvreert vergt het uiterste van hem, van Carmen en van geliefde Roos om maar te zwijgen over de halfslachtige vrienden en collega’s uit de flitsende reclame wereld die vinden dat alles moet kunnen. Al lezend krijg je het gevoel in een realityshow beland te zijn, bestaan er geen taboes meer ? Gezegd moet worden dat  Stijn zichzelf alles behalve flateus portreteert. Omdat er wel degelijk ook liefderijke toewijding is op momenten dat het er toe doet, snap je de drang om te ontsnappen aan de hopeloze thuissituatie. Maar wanneer hij de vriendin sms-t terwijl zijn vrouw ligt te sterven en hij haar en passant uitnodigt voor de begrafenis, gaat dat voor mij wel erg ver. Er staan genoeg provocerende en confronterende gedachten verwoord voor een pittige discussie. Hoe normgevend is een dergelijk promiscue leven ? Zouden mannen dit boek anders beoordelen dan vrouwen ? Is dit een exponent van het ik-tijdperk ?

Bij het omslaan van de laatste bladzijde kun je echter niet anders dan concluderen: hoe hip en modern het leven ook is, mannen blijven jagers.

 

Terug naar de index