ONAFHANKELIJKHEIDSDAG

Het is vandaag 15 september, onafhankelijkheidsdag in Costa Rica.
De Costaricanen vieren dat ze in 1821 onafhankelijk zijn geworden van de Spaanse overheersing en daar zijn ze nog altijd heel blij mee.
Gisteravond is de Onafhankelijkheidsfakkel al aangekomen in Cartago, de toenmalige hoofdstad van Costa Rica.
Die fakkel is eerst met een estafetteloop door het hele land gegaan.
Wij hebben een kijkje genomen in Ciudad Cortez en Palmar Norte.
Als we aankomen zijn de straten al afgezet, want de parade moet er langs.
We zien in de verte een hele kleurrijke, vrolijke stoet langs gaan.

De parade bestaat voornamelijk uit groepen schoolkinderen, drumbands en majorettes.
De kinderen zijn gekleed in hun schooluniformen en ze zien er pico bello uit.
De plooien zijn strak in de rokjes gestreken en de blouses hagelwit gewassen.
Vanwege het speciale karakter van deze feestdag zijn de dagelijkse uniformen met allerlei attributen uitgebreid.
Sommige groepen dragen rode petten, andere vaderlandslievende sjerpen en er zijn zelfs groepen met witte handschoenen.
Ze kijken allemaal erg serieus, want het is een plechtige dag.
Ze dragen een bord mee met het opschrift "Escuadra de honor" (ere-eskader), en dat is niet niks als je daar bij mag horen.
Bij de muziekkoepel aangekomen worden ze verwelkomd met een toespraak van de spreekstalmeester en
applaus van de toeschouwers, waaronder veel trotse ouders natuurlijk. Hier maken ze nog een paar rondjes op straat.
Ze proberen te marcheren,
maar dat is niet zo makkelijk met diverse bands die allemaal door elkaar spelen en de meesten zijn nu ook wel erg moe.
Sommigen doen nog fanatiek hun best, maar aan de gezichten van een aantal anderen is te zien dat het welletjes is;
laat nu die limonade en dat ijsje maar komen!

De drumbands zorgen voor de vrolijke noot. Jongens en meisjes zijn ongeveer evenredig verdeeld in de bands
en ze doen allemaal flink hun best om de soms ingewikkelde latijns-amerikaanse ritmes ten gehore te brengen.
En dat gaat ze ook heel goed af. Sommige jongens dragen hele stoere leren handschoenen bij het trommelen.
Één jongetje heeft zo hard geslagen dat zijn linkerhand niet meer mee kan doen, hij trommelt alleen nog rechts.
Een ander heeft een zware trommel op zijn been hangen, met als gevolg dat dat been niet goed meer mee wil,
hij loopt er enorm mee te slepen. Maar ze blijven fanatiek en het blijft vrolijk klinken.

De majorettes lopen met een speciaal wiebelpasje mee. Bij de oudere meisjes gaat dat heel leuk,
de kleintjes wiebelen elk in hun eigen ritme mee.
Het is een vertederend gezicht hoe ze toch hun best doen om mee te komen.
Ze hebben bonte pakjes aan met cape-jes en hoedjes op hun hoofd.
En ach, ze dragen panties en laarsjes, wat zullen die kinderen het warm hebben.
Ook zij zullen langzamerhand erg naar de limonade en het ijsje verlangen.

Dan komen de oudere meisjes langs die sambapassen maken tijdens het lopen.
Zo'n samba valt waarachtig nog niet mee als de band achter je "O when the Saints" speelt.
Ook is er een groep jongens met vlaggen, die ze trots meedragen.
Op een fluitsignaal van de leidster moeten ze een heel rondje om hun eigen as draaien, maar dat is wel lastig met zo'n grote vlag.
Meerdere jongens raken met hun hoofd verward in die grote lap.
De brandweerauto rijdt ook mee in de stoet. Ze hebben de sirene op volle kracht aangezet,
zodat horen en zien je vergaat, maar dat mag de pret niet drukken.
De toeschouwers en deelnemers blijven er allemaal even vrolijk onder.
De oudere garde wordt vertegenwoordigd door een groep dames en heren in traditionele kleding.
Trots lopen ze voorbij achter de vlag van hun land.
Één dame maakt een revérence voor ons; ze heeft lang grijs haar met een zilveren kroontje er op.

De stoet wordt afgesloten met een wagen, versierd met palmtakken, vlaggen en papieren versiersels in de nationale kleuren.
Er bovenop zit een bandje. Ze kijken erg vrolijk; zij mogen zitten en al die anderen moeten lopen!
De meeste winkels zijn gesloten, alleen de supermarkt is open. Daar lopen de caissières rond in traditionele kleding
met een prachtige amapola (hibiscus, kembang sepatoe) achter het oor in hun strak opgekamde haren gestoken.
Boven de stad vliegt een heel oud vliegtuigje rond, een gele tweedekker, zoals je die in films over de tweede wereldoorlog ziet.
We wanen ons ineens 60 jaar in de tijd terug, maar dat past wel bij de sfeer van het feest.

Als we weer naar de auto lopen komen we langs een veldje met heel veel oranje bloemen.
Ernaast loopt een meisje in een even knaloranje jurk, met roze sokjes.
Toch nog een beetje Koninginnedag.

Anja Geesink

Terug naar reizen met Anja