(recept:
Johan van Veen)
500
g kalfs- of runderpoelet in
blokjes
3 1/2 dl rode wijn
2 laurierbladeren
5 cm pijpkaneel
4 kruidnagels
800 g sjalotjes
4 teentjes knoflook
300 gr. vleestomaten
5 eetlepels olijfolie
1 eetlepel honing
zout
versgemalen zwarte peper
Doe
de poelet in een kom. Giet
er de rode wijn bij en voeg laurier, kaneel en kruidnagels toe.
Laat het vlees
een nacht marineren in de koelkast.
Pel de volgende dag de sjalotjes
en de knoflookteentjes.
Overgiet de tomaten met kokend
water, laat ze schrikken onder de koude kraan, ontvel ze en snijd ze
klein.
Laat het vlees uitlekken en vang
de marinade op.
Verhit
de olijfolie in een
braadpan en braad hierin de stukken vlees met een paar tegelijk aan
alle kanten
aan.
Haal de brokken vlees uit de pan.
Fruit
de sjalotjes en de
knoflook in de resterende olie. Voeg de tomaten toe en laat ze 2-3
minuten
zachtjes sudderen.
Doe
het vlees en de marinade in
de pan. Voeg honing, zout en flink wat peper toe. Laat het vlees
afgedekt 1-1
1/2 uur zachtjes
stoven boven een laag vuur. Schep de inhoud van de pan af en
toe voorzichtig om: zorg dat de sjalotjes heel blijven.
Giet er zo nodig wat
extra (warm) water bij. Maak de stifado voor het serveren op smaak af
met peper
en zout.
Tip:
ook haas en konijn zijn
zeer geschikt voor deze bereidingswijze.