Uit Ongerijmde rijmen
Samengesteld door Michel van der Plas
De man met de 17 complexen
Tekst: Han G. Hoekstra
Er was een man met 17 complexen,
en elke avond telde hij ze na,
want hij wou weten: hekseniet of hekse?
Als hij ze dan weer had dan zij hij: já
Maar oppunavond warenter maar zestien.
Z'n vrouw zei "Kijkus in je andere broek".
Maar hij sprak heel beslist "Nou geen gekles, Fien,
ik benniegek, me zeventien is zoek.
Hij dacht gekweld: waar kannut zijn gebleven,
het is de doodsteek voor m'n kummensense,
zonder dat zeventiende kank niet leven,
ik benniks waard, ik ben geen halluf mens.
Zijn eega sprak al spoedig van zijn ex-je,
maar hij zocht voor, in kolenkast en bad,
want 't was maar niet zo'n doodgewoon complex-je,
het was het allermooiste dat hij had.
Ach dach de man, het is een penitentie,
Wat kan ik doen? Ik voel me zo onthand.
Wel dacht de man, Ik plaats een advertentie,
Ik plaats een advertentie in de krant.
Beloning
Verloren Maand. gaand van hier tot ginder,
om 11 uur, op voorbalc. lijn 4,
gebr. complex, slechts wein. waard voor vinder,
maar voor verl. veel, want souv.
Reeds daags daarna is het teruggekomen,
keurig gevouwen, onder envelop.
"Kijk", schreef de dame die het had gevonden,
"hier is het, hoor, knap nou maar gauw weer op."
U moest die man zien, niet weer wrang of nukkig,
maar fris en monter en van zessen klaar,
hoogst onbekommerd en volmaakt gelukkig.
Hij had ze alle 17 weer bijmekaar.
Wanneer dit lied u een moraal mag leren:
complexen zijn veel kostbaarder dan goud,
en lang niet altijd helpt u adverteren.
Als u ze hebt, zorg dan dat u ze houdt.
naar het Nedlied